Home

Zijn onze gegevens BAG-proof?

In de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG) zijn alle bouwwerken en hun adressen in Nederland opgenomen. Sinds kort toetsen we via I-GO de gegevens van omgevingsdiensten aan de BAG. Programmamanager John Rayer legt uit hoe dat werkt.

Wat is de relatie tussen I-GO en de BAG?
‘De gemeenten zijn gezamenlijk eigenaar van de BAG. Voor onze VTH-processen maken we veel gebruik van de BAG. Bijvoorbeeld om het juiste adres op te zoeken of de objectgegevens te ontsluiten bij het juiste pand. De gegevens die door de omgevingsdiensten aan I-GO worden aangeleverd, worden sinds kort getoetst aan de BAG, zodat we weten of die twee met elkaar corresponderen.’

Hoe werkt die toetsing?
‘Feitelijk worden twee toetsen uitgevoerd. Ten eerste het gebruik van de juiste adressen. I-GO controleert of de adresgegevens die door de omgevingsdiensten worden gebruikt, ook overeenkomen met de adresgegevens die volgens de BAG bij het object horen. Onjuiste schrijfwijzen in straatnamen of woonplaatsen en onjuiste huisnummers en postcodes worden gesignaleerd. Maar ook als de omgevingsdienst een adres gebruikt dat vervallen is, bijvoorbeeld door de sloop van een pand. De omgevingsdiensten zien in een bevindingenscherm de geconstateerde fouten. Dit kunnen fouten zijn zoals verschillen in het gebruik van hoofd- en kleine letter, het ontbreken van koppeltekens of trema’s of de registratie van een volledig onjuiste straatnaam.’

‘De tweede toets is de match van de BAG-ID’s. Een BAG-ID is een uniek nummer van een pand. Activiteiten waarvan de omgevingsdiensten niet hebben geregistreerd in welk BAG-ID deze plaatsvinden, worden door I-GO voorzien van een suggestie. Op basis van (delen van) straatnamen en postcodes worden suggesties gedaan voor het BAG-ID. Dit BAG-ID kan vervolgens door de omgevingsdiensten worden opgevoerd in hun registratie. Daarmee voldoet onze registratie steeds meer aan de eisen van de landelijke basisregistraties.’